Jasper Johns lijkt met dit werk te verwijzen naar de verschillende kleurentheorieën waar veel schilders door de eeuwen heen mee worstelen. De sjabloonletters R(ed), Y(ellow) en B(lue) verwijzen naar de drie primaire kleuren rood, geel en blauw, waarin de drie grootste kleurvlakken zijn geschilderd. De drie overwegend witte rechthoekige vlakjes met aan beide kanten een andere kleur duiden op de mengkleuren, paars, oranje en groen, die elders in het werk te zien zijn. Samen vormen ze zes van de zeven kleuren van de regenboog, die drie keer in het schilderij terugkomt. De bezem met gele verf rechts, de handafdrukken in het gele en blauwe vlak en het herhaaldelijk gebruik van de liniaal tonen dat ook het schildersgereedschap centraal staat in dit werk.
c/o Pictoright, Amsterdam 2004

Vervaardigers

Vertaalde titel

Zonder titel

Collectie

Schilderijen

Datum vervaardiging

1964-1965

Bibliotheek

Klik hier om 32 aan dit werk gerelateerde documenttitels te zien

Materiaal en techniek

verf, linialen en bezem op doek

Objectnummer

A 24222